Een 0-marginal cost society is geen 0-marginal resource society

Rifkin schreef enige tijd geleden over de 0-marginal cost society. [1] Het boek trok nogal wat aandacht. Maar dat is dus niet hetzelfde als een 0-marginal resource society. In tegendeel zelfs!

Klein voorbeeld: Ik heb thuis al meer dan 15 jaar een handig strandstoeltje. Nu is ( na een meer dan acceptabele periode) het stof gescheurd. Dat zit er los op (hangt in lussen) dus makkelijk te vervangen , maar de producent biedt geen losse bekleding aan.

Dus dan naar het lokale naaiatelier . Die kan het maken, met verstrekte randen en zo. Zonder de stof prijs komt dat op 65 Euro. Komt nog eens 20 euro stof bij. Op zich niet extreem allemaal , en verklaarbaar , maar een nieuw stoeltje is 39 euro. En Rifkins gedachtelijn volgende zou dat dus alleen nog maar minder worden. De industrie spuwt de producten in enorme aantallen voor haast niks uit.

Onze maatschappij zit dus schizofreen in elkaar. Wat de norm zou moeten zijn, lokale werkgelegenheid oplevert, hergebruik van het metalen onderstel , repair en reuse, wordt dus tegengewerkt door het systeem, dat een geldwaardering heeft gecreëerd die producten consumeren stimuleert. En dus grondstoffengebruik doet exploderen. Ook de door Rifkin beschreven sharing and decentralised community, met zaken als Internet of things biedt daarvoor geen oplossing. Delen van autos vermindert niet per se het autogebruik , zoals ik al eerder analyseerde [2], en denk ook al maar eens aan de crypto munten, de munt losgeweekt van het geprivatiseerde bankenstelsel, die mega hoeveelheden energie vereist ( en dus windturbines en zonnepanelen, resources dus) [3].

Dat soort ontwikkelingen zijn vrijwel altijd financiële optimalisaties, en is dus zeker geen 0-marginal resource society dus.

Terwijl dat is wat we nodig hebben: reductie in grondstoffen gebruik, van alle soort, om nadelige neveneffecten en uitputting te voorkomen. ( wat dus met de huidige financiële regels ook minder geld vereist, maar dat is nu juist het struikelblok, want de financiële economie moet groeien) .

Wat je dus wel krijgt zijn steeds effectievere machines, of organisatie van functies , die producten en diensten tegen marginale kosten uitspugen. Omdat er dan minder verdient wordt per product, moet er steeds meer geconsumeerd worden. Dat is het gevolg van ons rekensysteem in geld, dat geld optimaliseert, maar niet brongebruik.

Dus kan je het schudden met iedere poging om te consuminderen, en CO2 emissies, ook die van productie, te verminderen. Het systeem is er niet geschikt voor.

Overigens, mijn vrouw heeft besloten zich er ten lange leste zelf maar eens op te storten, hopende dat de naaimachien het dikkere stof aankan. Er zit niets anders op dan onze eigen verantwoording te nemen, en ons weer wat oude ambachten eigen te maken. Inmiddels is dat gelukt, a 20 euro stof. De 0-marginal cost society verslagen ! Wel tegen een investering van ca 4 uur arbeid. (wat eigenlijk nogal meeviel voor een eenmalige klus). Overigens, 4 uur arbeid is dus ook energie, ofwel ruimte-tijd, in die zin dat het voedsel en landbouw (en zonne-energie) vereist , om die arbeid mogelijk te maken [1]. Maar die hebben we nu dus niet in geld verdienen geïnvesteerd, waarmee dan weer meer poducten gekocht hadden kunnen worden, en dat eten van voedsel, dat deden we toch al. [4].

Dat geeft overigens enorme voldoening, zoals ik laatst ook weer een ouder huishoudelijk apparaat an de gang kreeg. Voldoening, in ieder geval aan een deel van de mensheid, daarbij terugdenkend aan ‘Zen en de kunst van het motor onderhoud’: “ Hoe kan je nu genieten van motor rijden als je hem zelf niet kan onderhouden en repareren ? ”, was min of meer een centrale filosofische vraag daarin. Ik zit duidelijk aan de reparatiekant. En dat lijkt dus ook de enige manier om grondstof uitputting en impact te voorkomen, en de consumeerdrift te beteugelen. Zelfredzaamheid. Dus ook iedereen weer ambachtelijk te scholen: naailes, timmerles, wat electriciteitsleer, fietsreparatieles, samen te vatten als “maak en reparatielessen”, te verplichten in het onderwijs. Anders wordt het nooit wat, met die transitie. En doe er dan tegelijk ook wat slimmigheidslessen bij: Hoe je huis koel te houden zonder airco, hoe gezond te blijven zonder (preventieve) medicijnen, Hoe de was te drogen zonder wasdroger….

Overigens, ik herinner me nu dat dat in mijn middelbare schooltijd nog enigszins was ingebouwd. Er was nog een uurtje in de week knutselen of handarbeid!

Mijn neiging eerst alles te willen repareren is ook ingegeven door een zekere gierigheid, moet ik bekennen. Dat wil zeggen, ik heb moeite om geld uit te geven aan herhaling… het vervangen van iets door hetzelfde. ( overigens, wat betreft lekker eten heb ik dat niet, dat doe ik iedere dag, al eet ik dan wel liefst steeds iets anders) Maar een zekere mate van gierigheid is wellicht een goede eigenschap. In te bouwen als ‘lessen in rijk worden’, maar dan door minder uit te geven. Ik moet denken aan een vriendin die me vertelde van een zigeuner die als bijnaam de miljonair had. Hij had geen miljoen, maar had in zijn leven al een miljoen uitgegeven….. Als je alles bij elkaar gaat optellen kom je zelf ook een eind in de richting…. Als ik dat nu niet had uitgegeven, of althans ee groot deel, had ik een zorgeloze oude dag…. en genoeg hobbies in repareren en herstellen….

Dus rijk worden door gierigheid te onderwijzen, het lijkt me wel wat om zo’n les aan een middelbare school te geven…

Overigens, die zelfredzaamheid is nog niet zon gekke gedachte, en ook al op grote schaal ingezet als gemeentelijk beleid, zoals destijds bijvoorbeeld in Curitiba, Brazilië. De burgemeester , Jaime Lerner, in zijn poging werkgelegeneheid te creeren en armoede te bestrijden, richtte ateliers in waar inwoners gratis naailessen kregen, of een opleiding tot lasser, of loodgieter etc. Vervolgens kregen ze een beperkte tijd een ruimte om van daar uit een eigen handeltje te starten. Het is zeer effectief gebleken, niet alleen in het verwerven van een inkomen maar ook in de zelfredzaamheid van mensen. Die Lerner had wel meer lumineuze ideeën als burgemeester, die ik nog eens zal beschrijven.

0-marignal cost production , is echter compleet ontwrichtend voor de maatschappij, in die zin dat het reparatie en herstel compleet overruled: als vervangen vrijwel gratis wordt…..? (zelfs als goederen gedeeld worden, zal de dienstverlener duurder uit zijn met reparaties als met bijna kosteloze vervangingsprodukten) .

De kosten zitten nog slechts in de ontwikkeling van een product. Maar zelfs dat wordt steeds meer geautomatiseerd. Er wordt geen printplaat meer ontworpen achter een bureau,maar door software. Er worden al boeken geschreven door algoritmen, en die beginnen er steeds beter uit te zien. Er zijn al mensen die geld verdienen aan reisgidsen, door tekst fragmenten die vrijelijk aanwezig zijn op het internet te combineren tot een reisgids. Geheel automatisch wel te verstaan. Hetzelfde mbt muziek…Ok, zodra er grondstoffen in het spel zijn, moeten die nog steeds ergens gewonnen worden, en dat kost energie. Maar die is straks hernieuwbaar, dus wat maakt het uit? Dat is althans een veelgehoord argument in de discussies over energieintensieve materialen. Nep natuurlijk. Met hernieuwbare energie produceren kost ook weer materialen, en we zijn weer rond: 0-marginal cost production,  zelfs incl ontwikkelkosten, is geen 0-marginal resource production. En laat dat nou net de beperkende factor zijn: Er is maar 1 aarde, we kunnen er niet af, en de hoeveelheid grondstoffen is gelimiteerd, en daarmee ook de hoeveelheid energie die we daarmee duurzaam kunnen opwekken.

Maar het zal wel doorgaan tot het tegen die fysische grenzen aanloopt. Dat is evolutionair gezien niet eens zo heel bijzonder. Je zag het natuurlijk al langer aankomen: vroeger werd stof gebruikt tot het scheurde, kleren werden versteld, op maat voor het tweede of derde kind, er werden lappendekens gemaakt, tot uiteindelijk poetslappen aan toe. Tegenwoordig kopen wij steeds nieuwe poetslappen. Zeer luxe allemaal, Maar als ieder gezin in de wereld iedere maand een nieuw poetsdoekje koopt, zouden dat er zeg 3 miljard per maand zijn, of wel 36 miljard poetsdoekjes per jaar.

Als die 20×20 cm zijn, hoeveel is dat dan : 25 per m2, dat 1,5 miljard m2 , 1500 km2 aan doek alleen voor poetsen… per jaar! En die worden dus ook per jaar weggegooid! Tegen marginale kosten, dat dan weer wel.

Het zal nog wel even doorgaan, zolang wij onszelf niet leren enige zelfredzaanheid in te bouwen, zolang geldcreatie nergens op is gebaseerd, zolang we arbeid blijven belasten, en zolang we grondstoffen als vanzelfsprekendheid zien.

( ik schijf dit trouwens zittend op het strand in het door mijn ega herstelde stoeltje. Hulde!)

 

 

PS. Nadat ik dit geschreven had , kwam er toch eens cheurtje in het nieuw beklede strandstoeltje. Het blijkt dat we verkeerde stof hebben gebruikt…De operatie gaat na de vakantie verder. We hebben er wel wat poetslappen bij… En misschien zijn de marginal-cost van het stof wel gedaald inmiddels…

 

[1] Jeremy Rifkin, The Zero Marginal Cost Society: The Internet of Things, the Collaborative Commons, and the Eclipse of Capitalism

https://thezeromarginalcostsociety.com/pages/The-Book.cfm

[2] http://ronaldrovers.nl/delen-leasen-is-dat-nu-een-goed-idee-over-waarde-en-kwaliteit/

[3] http://ronaldrovers.nl/de-windmolen-index/

[4] http://ronaldrovers.nl/arbeid-een-duurzame-energiebron-die-verdwijnt/

LinkedInFacebookShare

admin